Ad Oskam

Sinds m'n 3e heb ik konijnen om me heen. Het begon met een `boerenkonijn' een soort Lotharinger, achter het Gemeentehuis in Nieuwkoop, waarboven ik geboren ben (nu een bank tegenover de Kolfbaan). Het beest was nog maar net puber of mijn vader, Piet Oskam (toen gemeentesecretaris in Nieuwkoop) regelde een dekking.
De eerste worp leverde gelijk 16(!) jongen op. Ze zijn allemaal één voor één gestorven voor ze amper 3 weken oud waren, dat was huilen natuurlijk.
Maar de worp gelijk erna is wel een succes geworden.

We zijn in 1959 verhuisd naar de Meidoorlaan in Nieuwkoop.
Daar bouwde ik konijnen hokken voor de lol maar algauw had ik 3x zoveel konijnen dan hokken.

Joop Loep, een vriend uit Amsterdam bracht elke vakantie met z'n moeder bij zijn grootouders door. Hij kocht daar van van Santen uit de Elzenstraat een Hollander-voedster, die bij mij gehuisvest werd. Deze moest ik, buiten de vakanties om, natuurlijk verzorgen.
Al snel kwamen hiervan ook jongen en zo ben ik halverwege de jaren zestig begonnen met het fokken van Zwarte Hollanders.

Al snel had ik succes. In 1967 kreeg mijn Ram zelfs een `U' op de tentoonstelling in Zegveld.
Volgens de huidige maatstaven zou het beestje amper een `G' gekregen hebben. De tekening was wel mooi maar er zat geen kop op en het geblokte type was ver te zoeken.
Het stimuleerde natuurlijk wel.

Ik ging daarna een konijnenflat timmeren in de garage. De auto van mijn vader moest toen maar een paar weken buiten staan (auto’s van toen roestten veel sneller!). Toen de flat af was bleek de garagedeur te laag te zijn en moest het dak er af gesloopt worden. Hoewel m'n vader ('kantoormens') helemaal geen `feeling' had met datgene waarmeer ik bezig was, vond hij het prachtig dat ik zo enthousiast boerde.
Het houden van beesten (konijnen en kippen) komt van mijn moeders kant. Ik blijk precies mijn opa te zijn. Zijn doen en laten, zijn karakter. Hij rommelde ook met beesten en hield ook van knutselen en bouwen. Ik kon met hem eindeloos `bomen' over konijnen en kippen.

Ooit heb ik met een loterij een `productiekip' (zo'n oranje `Barnevelder') gewonnen.
Die hield ik in een groot konijnenhok. Maar al gauw at hij zijn eigen eieren op. Een legnest met schuine vloer en een achterwand met een opening waarvoor een gordijntje was gespannen, fopte ik de kip. Het ei rolde direct achter het gordijntje weg.
Dit was wel het begin van het houden van meer kippen. Onder de konijnenflat was daar ruimte voor. Later werd dit uitgebreid.
Ik heb verschillende kippenrassen gehad, maar ben er echt nooit serieus mee naar de tentoonstelling geweest.

De konijnenflat is later verdubbeld, met verlichting (fietslampjes in elk hok). Allemaal dezelfde konijnen in een wit geschilderd interieur, een prachtig gezicht vanuit de huiskamer.

Mijn vader is in 1970 overleden, maar mijn moeder was daarna een stimulans om door te gaan met fokken, de beesten gaven een extra band onderling.

Studie HTS in Amsterdam, Militaire dienst en studie TH Delft, combineert niet echt met het dagelijks verzorgen van beesten. In de Amsterdamtijd lukte het nog wel.
Gedurende de diensttijd verzorgde mijn moeder de beesten (ook mesten, want ik was 4 weken weg, was gelegerd in Seedorf in Duitland).
In 1975 ben ik in een studentenhuis in Overschie (tussen Delft en Schiedam, gemeente Rotterdam) gaan wonen. Ik stopte toen met de Hollanderfok.
Bij dat huis was een grote ongebruikte tuin en een binnenplein. Op dat plein kwamen al snel een aantal kippen en allerlei soorten konijnen te scharrelen. Die leefden van het afval van de markt en van etensresten van het studentenhuis en de buren.

Later, in 1987 heb ik in dezelfde straat een huis gekocht en in dat jaar ben ik weer Hollanders gaan fokken. Eerst zwarte, daarna vooral blauw (toen schaars).
Zo begin jaren `90 was een Hollander Ram-Blauw de mooiste, van alle Hollanders op de BTT. Hij prijkte op foto's in verschillende vakbladen.

De laatste tijd fok ik alleen maar Blauw en wat BlauwGrauw.
Allemaal niet zo fanatiek meer. Ik ga minder naar tentoonstellingen, her en der geef ik wat fokbeesten weg, maar ik blijf Holanders fokken. Het trekt kinderen, wat ik leuk vind, en het is een enorme ontspanning.
Vroeger bij mijn ouders, wanneer mij de visite niet zinde, of ik zat over een moeilijk proefwerk in: de konijnen gaven rust.

Nu ben ik al zo'n 25 jaar cartoonist / illustrator (oorspronkelijk mijn hobby).
Je moet altijd maar klaarstaan, en `deadlines' halen. Dan ga ik tussendoor naar mijn konijnen, dat geeft mij de rust. Je bent in een andere wereld en tegelijkertijd kom je door de ontspanning op andere ideeën voor het tekenwerk.

Kippen, de Barnevelder kriel, heb ik nu voor de lol, om etensresten kwijt te kunnen en vooral om de eieren. Die deel ik uit aan de buren.
Ik woon in een prachtige idyllische straat en omgeving, maar mijn buren zijn `stads' en snappen niet waar ik mee bezig ben. De buren `vechten' wel om de eieren van mijn kippen. Ze vinden ze heerlijk in vergelijking met de eieren uit de supermarkt.
Maar vanwege de geluidsoverlast, zeg ik dat een kip niet kan leggen zonder een haan. En dat geloven zij(!).

De Hollander blijf ik trouw zolang het kan. Een makkelijk konijn, weinig problemen met zogende voedsters en snelle voorselectie van de jongen.

Ad Oskam
Rotterdam

Copyright ©  2018  PKV Nieuwkoop en Omstreken
Alle rechten voorbehouden.
Gemaakt door Rednose © 2015