Frans Balvers

 

Er is mij gevraagd over de Lotharingers te schrijven. Ik zal beginnen met de beschrijving van de standaard, te beginnen met type en bouw. De Lotharinger komt in bouw en gewicht zeer veel overheen met de Vlaamse Reus en moet dus ook veel een flink gestrekt type hebben. De oren, met een minimumlengte van 16 centimeter, zijn van een vlezige, krachtige structuur. Grote forse, goed gedragen oren behoren bij dit reuzenras.

Het beestenstelsel is iets fijner dan dat van de Vlaamse Reus. Het gewicht is minimaal 5 kilogram. Pels is gelijk aan normaal haar.

Koptekening 

Deze bestaat uit de "vlinder", "oogringen", "doorn", "wangstippen" en de gekleurde oren. 
De “vlinder”, waarvan de vleugels de onderkaak omzomen, bestaat uit twee gelijke afgeronde vleugels welke op beide zijde van de snuit liggen. Deze behoort scherp afgetekend te zijn en loopt tot aan beide mondhoeken . 
De “doorn”, fraai afgerond, bevindt zich op het midden van de neusrug. Lengte daarvan ongeveer 1,5 centimeter. 
De “oogringen” zijn goed gesloten en overal dezelfde breedte.
Ze zijn fraai van uitlopers, haken of tranen. 
De beide “wangstippen” bevinden zich op de plaats waar zich het alleen staan te wanghaar bevind. Ze zijn rond van vorm.
De oren zijn gekleurd, de begrenzing aan de wortel is zo scherp mogelijk. 
De koptekening is verder vrij van vlekjes of vlekken. Een schone kop behoort bij een ideaal dier. 

De lichaamstekening 

Deze bestaat uit de aalstreep en de zijdetekening. De aalstreep begint direct achter de oren in de nek en verloopt zonder enige onderbreking, als een scherp begrensde streep, over de rug tot aan de staartpunt. Hoe gelijkmatiger en strakker de streep hoe beter deze is. Hij mag ongeveer 3 of 4 centimeter breed zijn.
Bij ijzer grauwe en staalgrauwe Lotharingers mag de bovenzijde van de staart gemêleerd zwart of grauw zijn. De vlekken van de zijde tekening zijn op beide zijden van het lichaam, regelmatig verdeelt, liefst gelijk in aantal. Als ideaal geldt 5 tot 8 vlekken op elke zijde. De vlekken moeten ongeveer 5 centimeter van de aalstreep af zitten zodat er een wit veld tussen de aalstreep en de zijde tekening over blijft.
De vlekken moeten zo mogelijk los van elkaar zitten. De zijde tekening valt binnen de achterste helft van de romp. 

Een vlek op het voorste gedeelte van de romp heet een “kettingstip” en is foutief.
Deze zijde tekening vlekken hebben het liefst een diameter van ongeveer 3 centimeter.
Er is een minimaal aantal van drie vlekken en een maximum van 8.

In de 25 jaar dat ik ze fok heb ik wel aanmerking gehad op minimaal 3 vlekken, maar ik heb nog nooit gehoord dat 9 vlekken fout was. 
Het is zeer moeilijk de zijde tekening door fokken vast te leggen. 
Met het fokken van Lotharingers heeft men veel uitval. Een of twee jongen per nest van ongeveer 10 jongen met goede tekening, daar zou ik voor willen tekenen. 
Ik heb ooit wel eens vier goed getekende jongen uit een nest gehad, waarvan de moeder egaal zwart was. De vader was wel goed getekend, dus de combinatie van ouders is niet zozeer belangrijk, maar wel een doorgefokte stam. 
Er zijn veel nesten met jongen niet geschikt voor tentoonstellingen, maar misschien wel geschikt voor de fok.

Dan is er nog de kleur. De Lotharinger is in alle erkende konijnenkleuren bekroningswaardig, ook in driekleur, zwartbruin en blauw.

Een goed fokjaar voor iedereen. 
Frans Balvers.

 

Copyright ©  2018  PKV Nieuwkoop en Omstreken
Alle rechten voorbehouden.
Gemaakt door Rednose © 2015